20-06-17

Nu dat het zo heet is...

Ik ben lekker aan het nagenieten buiten aan de tuintafel. Ik heb er mijn laptop en mijn bureaulamp op geplaatst om deze blog neer te schrijven, voor al wie het wenst te lezen. Gisteren heb ik mijn eerste groenten uit de moestuin geoogst. Een zevental courgettes en enkele radijzen. De tomaten beginnen te groeien en binnenkort zal mijne madam mij niet meer moeten vertellen dat de sla te klein is. Of zoals ze in haar eigen woorden zei : "je kunt er je niet in verslikken, met die sla van jou." Op het plat dak lijkt mijn proef te lukken en verwacht ik een mooie oogst pompoenen tegen het najaar. Ik hoop het althans.  

Moestuingroenten.jpg

Maar de moestuin wordt bedreigd. Geleidelijkaan eist de droogte zijn tol. Hier en daar in Vlaanderen zijn er al boeren die hun gewassen niet meer mogen besproeien, omdat het waterpeil van de waterbekkens sterk is gedaald. In het algemeen wordt er gevraagd om zuinig om te gaan met ons kraantjeswater. Men vult best zijn zwembad niet. Net nu er onlangs in het nieuws werd aangekondigd dat het verkoop van opblaasbare zwembaden explosief is gestegen.

Voor onze moestuin kan ik voorlopig nog op mijn regenput rekenen. Hoewel die ook al drastisch is gezakt. Raar, wanneer ik het deksel ophef vallen er geen enkele spinnenwebben of vliegende insecten te bespeuren. Weten die insecten van iets meer? Stel u voor dat het waterpeil tot bijna aan de bodem zakt en we er het lichaam van iemand ontdekken, die misschien al meer dan twintig jaar als vermist werd opgegeven. Een oud vrouwtje dat werd omgebracht om zo de erfenis te kunnen opstrijken. Gewikkeld in een dikke deken, zo half gemummificeerd met haar bek open. Ja, ik zeg 'bek'... Om u zo te kunnen beschrijven hoe pijnlijk haar dood wel is geweest.

Zo lang ze maar niet weer tot leven komt en weigert om te vertrekken, omdat ze technisch gezien twintig jaar geleden de wettelijke eigenares was van dit huis. Om de vloek op te heffen zal ik dan misschien naar haar veraf gelegen familie moeten reizen om hun te overhalen van al het gestolen geld terug te geven. Aha! Ik lijk wel met een verhaal in mijn achterhoofd te zitten! Even bellen naar onze vriend Robbe De Hert om na te gaan of hij voor mij even weer de terminale patiënt kan uithangen, om zo weer een crowdfunding op poten te kunnen zetten! Want ik denk dat ik met een scenario in het achterhoofd zit! Meneer De Hert, als u nog leeft, call me! Als de ziekte hem nog niet heeft geveld, wie weet wordt de hitte wel zijn doodsteek. Maar begrijp mij zeker niet verkeerd, want ik wens die mens zijn dood niet!

Misschien komt hij nog wel tot bij mij langs en tracht hij mij te wurgen met zijn laatste krachten. Hopelijk komt er dan iemand mij redden. Met een beetje geluk komt prinses Astrid wel langs, die een waarschuwingsschot zal afvuren. En met dat beetje geluk worden we misschien wel net niet doof. Misschien eindigt het conflict op het moment waar ik het lichaam van Robbe De Hert in mijn regenput gooi en kunnen we het ingezamelde geld voor zijn project voor een heel andere documentaire gebruiken. Goed, voldoende oud nieuws.

De droogte, daar ging het over in de eerste plaats. Ik heb dorst... Ik ga zo dadelijk een cocktail maken... Wat? Nu nog om middernacht??? En dan? Zo lang ik maar niet met mijn zatte kloten in de regenput val, dan is alles kits onder de rits. Ik begin evenwel stilaan te vrezen dat ik beter eerst mijn cocktail heb moeten drinken alvorens te schrijven. Ofwel is het omdat ik het niet gewoon ben om een tekst te schrijven met een bureaulamp buiten, waarop alle muggen, motten en andere vliegende insecten op afkomen. Alsof ik het enige lichtpuntje ben op deze planeet. Nu, zolang er maar plots geen prehistorische vliegende insecten tegen mijn lamp komen aanvliegen, waarna het plots ijzingwekkend donker wordt. Wie weet wordt mijn lichaam half opgevreten van de beesten, door mijn gezin in de ochtend ontdekt, waarbij zelfs de poes er nog even zit aan na te knabbelen...

Ik was het bijna vergeten te melden... Met die aanhoudende hitte heb ik een offerte aangevraagd bij een studiebureau om na te gaan welke type verf er in het verleden op onze hevel werd aangebracht. Kwestie om een drama als in London te voorkomen, waarbij de Grenfell toren in lichterlaaie ophing. Volgens de eerste ondervindingen omwille van een in Groot-Brittannië verboden hevelbekleding. Verboden ginder, maar die wegens besparingen om de één of andere manier toch werd aangebracht. 

Nog net voor deze drama had plaatsgevonden las ik een artikel over brandveiligheid, waarbij werd aangeraden om regelmatig thuis een brandoefening uit te voeren om zo uw gezin aan te leren hoe men snel en veilig een woning dat in brand staat, kan verlaten. Zo zag ik een foto waarop het gezin geblinddoekt zo'n oefening aan het uitvoeren was. Na het drama in London, weliswaar met een grijns op mijn gezicht van hier tot in Tokio, waarbij mijne madam zelfs vroeg waarom ik aan het lachen was, dacht ik heel even om binnenkort een onaangekondigde brandoefening te organiseren.

Maar hoe moet ik dit aanpakken? Hoe leert men dat het best aan? Wetende dat ik twee lachtaarten van kinderen hebben en niet te vergeten zelfs ik vaak alles in het belachelijke trek. Een week of twee geleden kwam mijne madam 's ochtends de slaapkamer binnen en vertelde mij dat bij het naar boven komen er iets precies naar verbrand rook. Maar aangezien er nergens geen rook te zien was, stelde ik haar gerust door te zeggen dat het misschien een geur van buitenaf was, dat via een open venster de woning was binnengedrongen.

Twee of drie dagen later, bij het naar boven gaan rook ik eveneens een brandgeur op. Als een speurhond begon ik alles af te snuffelen. Ik betastte de muren, de trappen en de vloeren op zoek naar hitte. Want heel even dacht ik dat er misschien ergens een kortsluiting was of dat er op z'n minst een elektrische draad aan het smeulen was. Het was zo goed als precies één jaar geleden dat het elektriciteitsnetwerk in onze woning werd vernieuwd. En even dacht ik dat er misschien iets mis was met één van die nieuwe kabels dat onder de vloeren liep. Het rook precies naar verbrand hout of papier.

De geur kwam maar van uit één hoek, ter hoogte van de slaapkamer van onze zoon. Aarzelend ging ik toch maar een kijkje gaan nemen in zijn kamer. Toevallig stond het raam open, waarbij ik weer heel even dacht dat het een brandgeur was van buitenaf. Onze zoon leek de laatste drie, vier dagen de gewoonte te hebben om zijn raam open te zetten, iets wat hij vooraf nooit deed. En toen heb ik de 'brandhaard' of althans de oorzaak van de geur ontdekt. Onze oudsten had zich wat bezig gehouden met wat papier te verbranden in zijn kamer en op de koop toe op zijn nieuwe bureau. In zijn vuilnisemmer vond ik er verbrandde stukken krantenpapier tot zelfs gesmolten plastiek van stylo's, afgebrande potloden en zelfs een gom. Al wat hij in de fik had gestoken, werd in de plastieken vuilnisemmer gegooid.

Pyromania.jpg

Kwam daar nog bij dat toen ik die geur had geroken in de avond, we die ganse dag met het hele gezin op uitstap waren. Wat als er iets had blijven smeulen in zijn vuilnisemmer? In één van de lades van zijn bureau vond ik er een briket in terug. Ons pyromaantje werd meteen gestraft. Zijn smartphone werd afgepakt en hij werd verwittigd dat hij heel goed zijn best mocht doen voor zijn eindexamens of dat hij nog wat langer zonder zijn smartphone mocht verder doen. Het liedje van Jebroer met de tekst "ik ben een kind van de duivel" mag nog zo populair zijn als het maar kan zijn. De duivel, dat ben ik!

Dus, de brandoefening, hoe zal ik die aanpakken? Ik had gedacht om met een rookmachine veel rook in de gang op de eerste verdieping te maken. Beneden dek ik alle vensters van de ingangsdeur af om al het licht van buitenaf te camoufleren en zet ik de elektriciteitskast af. In alle stilte neem ik de smartphone weg die op het nachtkastje van mijne madam ligt en dan op een zekere uur, lang na middernacht, komt vader (Lees : ikke) naar boven gerend, want gewoonlijks zit ik nog laat beneden teksten te schrijven... Ik gooi er alle deuren open en roep luidkeels dat het brandt en maan ik iedereen om naar buiten te gaan. "Geen tijd om die verdomde smartphone te zoeken! Naar buiten! En waar poes is, kan mij niet schelen! Allemaal naar buiten!!!" zal ik waarschijnlijk nog moeten naroepen.

Ik zie ze daar allemaal staan in hun pyjama op straat voor een loos alarm. Maar de vraag is dan hoe ze hierop zullen reageren? Zullen er achteraf geen psychische problemen ontstaan, waarbij onze kinderen en ook mijne madam moeite zullen hebben om hun slaap te vatten, wanneer de avond valt? Misschien moet ik mijn plannen even herzien... 

- Sole

Soan - Celui qui aboie

 

 

01:33 | Permalink | Commentaren (0) | |

De commentaren zijn gesloten.